dinsdag 18 februari 2020

Fosfaatklassen – normen 2020


Vanaf 1 januari gelden er nieuwe fosfaatklassen voor bouwland en grasland om de normen te bepalen. Nieuw is dat er een extra klasse tussen is gekomen. De klasse neutraal is vanaf nu opgesplitst in “Neutraal” en “Ruim”. Tegelijker tijd zijn er voor de verschillende klasse nieuwe normen vast gesteld. Het opvallendste hierbij is dat bij de klasse “Hoog” voor bouwland nu een norm geldt van 40 kg Fosfaat in plaats van 50 kg. Deze norm geldt dus ook voor u wanneer u geen (geldig) grondmonster heeft. Het bemonsteren van uw percelen wordt dan ook steeds aantrekkelijker en belangrijker
Controleer tijdig uw huidige grondonderzoeken op geldigheid. Voor 2020 geldt dat deze niet ouder mogen zijn dan 15 mei 2016.
Wilt u gebruikmaken van de normen in de klasse “Arm” dan dient u in het bezit te zijn van een gestratificeerd grondonderzoek.

Let op: U mag voor uw bemestingsruimte 2020 alleen rekenen met deze normen wanneer u tijdens de gecombineerde opgave ook per perceel aangeeft wat voor geldig PE of Pal getal er van toepassing is. Heeft u geen geldig grondmonster dan valt u in de categorie “hoog”.

                             Fosfaatklassen - normen 2020


         Grasland
         Bouwland

Fosfaatklassen
PAL-getal
Norm1
Pw-getal
Norm1
Arm
< 16
120 (120)
< 25
120 (120)
Laag
16 - 26
105 (100)
25 - 35
80 (75)
Neutraal
27 - 40
95 (90)
36 - 45
70 (60)
Ruim
41 - 51
90 (90)
46 - 55
60 (60)
Hoog
> 50
75 (80)
> 55
40 (50)
1) De norm tussen haakjes is de norm van 2019

Extra 5 kg fosfaat onder voorwaarden
Wanneer u een perceel bouwland heeft dat in de fosfaatklassen “hoog” valt. Dan is een extra fosfaatruimte van 5 kg onder voorwaarden mogelijk. Komt er op neer dat u deze extra 5 kg alleen mag invullen met een mestsoort die zorgt voor meer Organische Stof.
Wanneer u hiervan gebruik wilt maken dan dient de bemesting op het betreffende perceel te bestaan uit minimaal 20 kg Fosfaat/ha uit een van de volgende mestsoorten:
·         Strorijke vaste mest van Rundvee, Schapen, Geiten of Paarden.
·         Dikke fractie van Rundveedrijfmest
·         Champost en Compost.
Voor biologische bedrijven geldt een extra ruimte van 10 kg i.p.v. 5 kg Fosfaat.
Mocht u dit jaar gebruik maken van deze mogelijkheid, dan dient u voor 31 december bij RVO aan te geven op welk perceel u dit heeft toegepast.

Vergroeningseisen:


Op gebied van de vergroeningseisen zijn er dit jaar weinig wijzigingen te verwachten. Toch zullen wij de belangrijkste eisen en invullingen nog even op een rijtje zetten. Voor de vergroening dient u te voldoen aan twee eisen.
Ten eerste de gewasdiversificatie. Dit houdt in dat u minimaal 3 verschillende gewassen dient op te geven. Tussen de 10 en 30 hectare bouwland zijn dat 2 gewassen. U bent voor deze eis vrijgesteld wanneer:
  • u maximaal 10 hectare bouwland inclusief tijdelijk grasland heeft;
  • meer dan 75% van uw bouwland bestaat uit tijdelijk grasland, braak, vlinderbloemige gewassen of een combinatie hiervan;
  • meer dan 75% van uw totale subsidiabele landbouwgrond bestaat uit tijdelijk of blijvend grasland;
  • u vorig jaar meer dan 50% van uw totale oppervlakte bouwland niet in gebruik had. En u dit kalenderjaar op elk perceel bouwland een ander gewas teelt dan vorig jaar.
  • Heeft u een biologisch bedrijf of is uw bedrijf voor een deel biologisch? Dan krijgt u vrijstelling voor het biologische deel van uw bedrijf. Voor het niet-biologische deel moet u wel aan de verplichting voor gewasdiversificatie voldoen.

Daarnaast dient u voor het areaal bouwland inclusief tijdelijk grasland 5% van het areaal te vergroenen. Dit kan op verschillende manieren. De meest voorkomende maatregelen zijn het invullen door:
·         een beteelde of onbeteelde akkerrand. (weegfactor 1.0)
·         het telen van een stikstofbindend gewas (weegfactor 1.0)
·         het telen van Olifantsgras (weegfactor 1.0)
·         het telen van een mengsel van groenbemesters na de hoofdteelt (weegfactor 0,5)

Voorbeeld:
U heeft 100 hectare bouwland. Voor uw EA-verplichting wilt u vanggewassen inzaaien met een weegfactor van 0,3. Dat betekent dat u 0,05 x 100 / 0,3 = 16,67 hectare moet inzaaien met vanggewassen.


woensdag 18 december 2019

Nieuws vanuit bemiddeling Productierechten:


Betalingsrechten
Voor een echte bemiddeling in betalingsrechten is het nog iets te vroeg. Toch hebben de eerste transacties door middel van koop en verkoop inmiddels plaatsgevonden. Wanneer u meer hectares heeft dan betalingsrechten kunt u betalingsrechten kopen of huren. Voor beide geldt dat het rendement goed is. Wanneer de extra verworven grond voor de komende jaren structureel is, dan is koop van betalingsrechten nu nog aan te bevelen. Wanneer de extra grond slechts voor een jaar is, dan kunt u beter betalingsrechten huren. Informeer naar de mogelijkheden. Wij faciliteren en regelen de transactie van A tot Z

Fosfaatrechten
De bemiddeling in fosfaatrechten vindt het hele jaar door plaats. Zowel voor lease als kooprechten. Tegen het einde van het jaar zien wij meer vraag en aanbod omdat dan bij ieder bedrijf duidelijk begint te worden of er rechten over zijn, of juist nog nodig zijn. De prijsvorming van fosfaatrechten is afgelopen jaar redelijk stabiel gebleven. Toch vinden er soms forse prijsreacties plaats wanneer er berichtgeving plaatsvindt rondom fosfaatrechten.

LLB’s
Als het gaat om transacties van Leden Leverings Bewijzen (LLB’s) dan stond deze afgelopen maanden toch wel onder druk doordat de vraag naar LLB’s aan het opdrogen was. Het is een relatief kleine markt met een paar gebieden in Nederland waar nog vraag is naar LLB’s . Mocht u nog overwegen om LLB’s van de hand te doen? Wacht hier dan niet te lang mee. Veel bouwplannen zijn immers al ingevuld.

VVO’s
Ook in 2019 moeten veehouderijbedrijven een gedeelte van hun fosfaatoverschot verplicht verwerken. De volgende mestverwerkingspercentages gelden voor 2019:
          Zuid                  59%
          Oost                 52%
          Overig              10%
De zogenoemde mestverwerkingsplicht kan zelf voldaan worden door op het bedrijf mest te verwerken, maar u kunt de verwerkingsplicht ook overdragen aan een mestverwerker. Dit kunt u regelen door het afsluiten van een Vervangende Verwerkings Overeenkomst (VVO). De VVO’s kunt u bij ons afsluiten waardoor u er verder geen papierwerk aan heeft. Tot de jaarwisseling zijn wij beschikbaar om dit voor u te regelen.

Opgave percelen 2019


De gecombineerde opgave zal in 2019 weer op 1 maart open gaan en de periode zal duren tot en met 15 mei. Toch is het raadzaam om eerdaags te beginnen met het intekenen van de percelen. De ervaring leert dat door de drukte richting 15 mei de site van RVO regelmatig overbelast is. Wanneer u nu al de percelen intekent en bij huur en verhuur de betalingsrechten al overdraagt, dan heeft u het grootste gedeelte van de gecombineerde opgave al ingevuld en scheelt dat extra drukte tijdens de voorjaarswerkzaamheden.
Heeft u uw bouwplan (zo goed als) rond, maak dan tijdig een afspraak met ons. Wij zijn er weer klaar voor!

Uitspraak pacht inzake eigendom fosfaatrechten


Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft onlangs in een eindarrest geoordeeld dat, in de individuele situatie waarbij sprake was van een hoevepacht, de verpachter aanspraak maakt op de fosfaatrechten. De uitspraak en de genoemde argumenten zijn gelijk aan het eerdere tussenarrest. Deze uitspraak biedt geen duidelijkheid over allerlei specifieke en individuele situaties.
·         De fosfaatrechten zijn in principe van de pachter indien hierover niets is geregeld in de pachtovereenkomst.
·         Indien er sprake is van langdurige pacht van gebouwen en/of grond kan de verpachter, volgens dit arrest, bij beĆ«indiging van de pacht, wel aanspraak maken op de fosfaatrechten. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden:
o   Tussen verpachter en pachter bestond op 2 juli 215 een reguliere pachtovereenkomst of een geliberaliseerde pachtovereenkomst, die bij aangaan 12 jaar of langer duurt.
o   Het betreft een hoevepacht of pacht van minimaal 15 ha of pacht van een gebouw dat specifiek is ingericht voor de melkveehouderij.
Indien aan bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, kunnen de fosfaatrechten voor 50% worden toegekend aan de gebouwen en 50% aan de grond, die de pachter op 2 juli 2015 ten behoeve van het gehouden melkvee ten dienste stonden. De rechten worden naar verhouding toegerekend aan pacht en eigendom.
De verpachter dient 50% van de marktwaarde van de over te dragen fosfaatrechten aan de pachter te vergoeden.
Conclusie en advies
De einduitspraak betreft een individuele situatie (hoevepacht), waarbij de eerdere algemene uitgangspunten zijn bevestigd. De uitspraak geeft nog geen duidelijkheid op allerlei (specifieke) pachtsituaties. Bij het maken van afspraken dient hiermee rekening gehouden te worden. Zie ook het eerder genoemde bericht. De verwachting is dat over specifieke situaties nog diverse rechtszaken zullen volgen.

Aanpassing perceelgrenzen door BGT


Vanaf 1-1-2020 gaat RVO geleidelijk over naar een ander systeem voor registratie van de percelen.  Dit is genaamd; Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT).
De BGT is een Digitale kaart van Nederland waarin alle objecten zoals gebouwen, bouwwerken (spoor) wegen, bermen, wateren en percelen zijn/worden opgenomen.
De input voor deze BGT is afkomstig vanuit allerlei instanties als o.a. Gemeente , Waterschappen, Rijkswaterstaat en dus ook RVO. Deze instanties worden bronhouders genoemd.
Door het gebruik van de BGT wordt door iedere bronhouder dezelfde grens aangehouden. Overlap en witte vlekken zijn daardoor niet meer mogelijk.
Ook alle percelen Landbouwgrond worden overgezet naar dit nieuwe BGT. De verwachting is dat er als gevolg daarvan “kleine” aanpassingen in uw percelen kunnen ontstaan.
Het overzetten van de huidige percelen naar de BGT zal geleidelijk en in 3 groepen verlopen. De eerste groep (Noord Nederland) heeft vanaf 1 september al inzage gekregen hoe de nieuwe perceelgrenzen er uit gaan zien, via de zogenaamde BGT-check.
U kunt dan aangeven of u al dan niet akkoord bent met de perceelgrens. Wanneer u niet akkoord bent dan wordt er een belafspraak met u ingepland. Vervolgens worden de definitieve grenzen vastgesteld. De BGT-check heeft een informele status. Landbouwers die oneens blijven met RVO kunnen alleen formeel bezwaar indienen door in de eerst volgende Gecombineerde opgave de oude grenzen te blijven hanteren en vervolgens bezwaar te maken tegen de uitbetaling van de bedrijfstoeslag. Overigens kan dit alleen maar, indien de uitbetaling is gekort wegens een lagere oppervlakte door de gewijzigde grenzen.

Aanpassing diernormen meststoffenwet grotendeels uitgesteld.


Het opschorten van de invoering betekent waarschijnlijk alleen uitstel. De kans is groot dat de maatregelen op een later moment, eventueel aangepast, alsnog worden ingevoerd. De volgende wijzigingen gaan vooralsnog niet door:
·         De voorgestelde forfaits voor melkkoeien met een melkproductie hoger dan 10.624 kg melk.
·         De wijziging van de standaard melkproductie van zelfzuivelaars.
·         De wijziging van de omschrijving van de diercategorieĆ«n 100 en 120 (invoering 12 maanden-termijn).
·         De wijziging van de forfaits voor vleesvee incl. de voorgestelde omschrijvingen.
·         De wijziging van de forfaits voor biologisch gehouden dieren. De voorgestelde wijziging voor biologische melkgeiten en schapen wordt wel doorgevoerd.
De minister geeft in haar brief aan dat de voorgestelde actualisatie van de forfaits voor melkvee (veelal een verlaging) alleen door kan gaan, indien het aantal fosfaatrechten zich onder het sectorplafond bevindt. Waarschijnlijk geldt dit ook voor de voorgestelde uitbreiding van de tabel met staffels lager dan 5.624 kg melk.
Pas aan het einde van het jaar zal duidelijk zijn of het aantal fosfaatrechten onder het sectorplafond is terechtgekomen. Dit betekent dat pas aan het einde van dit jaar duidelijk is of actualisatie van de melkveeforfaits doorgaat.